Avontuur & Natuur

Albanië heeft de laatste onontgonnen kustlijn van Europa

· 5 min leestijd

De Griekse eilanden zijn dit jaar drukker dan ooit, Kroatië loopt in juli en augustus vol tot aan de laatste parkeerplek, en zelfs de rustige baaien van Montenegro trekken steeds meer bezoekers. Wie een kustlijn zoekt zonder wachtrij voor het strandbedje, moet een klein stukje verder kijken: naar Albanië. Het Europese buitenlucht-toerisme groeide vorig jaar naar ruim 413 miljoen overnachtingen buiten de hotelketens om, en Nederland hoort inmiddels bij de zes landen die dat cijfer het hardst omhoog duwen. Albanië profiteert daarvan mee, en de Albanese Riviera in het bijzonder.

Waarom reizigers nu opeens naar Albanië trekken

Tot een jaar of tien geleden stond Albanië vooral bekend als het land dat je oversloeg op weg naar Griekenland. Dat verandert. De kustweg tussen Vlorë en Sarandë, de SH8, geldt inmiddels als een van de mooiste rijroutes van Europa: bergen die recht de zee in duiken, olijfgaarden op steile hellingen en baaien die je anders alleen per boot bereikt. Waar een week Kroatië al snel boven de duizend euro uitkomt, betaal je in Albanië voor een vergelijkbare kamer met zeezicht vaak minder dan de helft. Die combinatie, ongerepte natuur tegen een prijs die nog uit 2015 lijkt te komen, is precies wat avontuurlijke reizigers nu aantrekt. Wie eerder al koos voor een hiking trip in plaats van een standaard strandvakantie, herkent het patroon: zodra een bestemming te makkelijk wordt, zoeken reizigers het net iets ruwere alternatief op.

Butrint, het nationale park dat nog niemand kent

Een half uur ten zuiden van Sarandë ligt Butrint National Park, en dat is waar Albanië zijn sterkste troef verbergt. Het park ligt rond een lagune vol reigers, pelikanen en flamingo's, maar het echte verhaal zit onder de grond. Grieken, Romeinen, Byzantijnen en Venetianen bouwden hier allemaal bovenop elkaar, waardoor je binnen een paar honderd meter een Grieks theater, Romeinse baden en een Venetiaans kasteel tegenkomt. UNESCO plaatste Butrint in 1992 op de Werelderfgoedlijst, en toch loop je er op een doordeweekse ochtend soms met nog geen tien andere bezoekers rond. Wie meer wil weten over de gelaagde geschiedenis van de site, vindt een goed overzicht op Wikipedia.

De stranden die nog niet zijn platgelopen

Ksamil trekt inmiddels weekendtoeristen uit Tirana, maar de vier eilandjes voor de kust houden het water er nog altijd turquoise en rustig als je vroeg gaat. Verderop noordwaarts liggen Dhërmi en Jale Beach, twee baaien met kristalhelder water waar je met een goede sprong van de rotsen af het diepe in duikt. Narte Beach, ten noorden van Vlorë, is een heel ander verhaal: kilometers wild strand met een zoutlagune erachter, waar in het najaar duizenden trekvogels neerstrijken. Vergelijk het met de stranden die we eerder beschreven in de Balkan, en je ziet meteen het verschil: Albanië heeft dezelfde helderblauwe zee, maar dan zonder de ligbedjes die om de meter naast elkaar staan.

Wandelen door Llogara National Park

Wie liever wandelt dan zwemt, slaat de Llogara-pas niet over. Dit nationale park ligt op zo'n duizend meter hoogte in het Ceraunische gebergte, net boven Dhërmi, en de weg erheen kronkelt in haarspeldbochten door zwarte dennenbossen omhoog. Vanaf het hoogste punt kijk je in één blik uit over de Ionische Zee, met Corfu als donkere streep aan de horizon. De paden zijn niet officieel bewegwijzerd zoals in Nederlandse natuurgebieden, dus een lokale gids of een gedownloade GPS-route is geen overbodige luxe. In ruil daarvoor loop je een namiddag lang zonder een andere wandelaar tegen te komen, iets wat op de Veluwe in het hoogseizoen ondenkbaar is.

Zo pak je het slim aan

Mei, juni en de eerste helft van september zijn de beste maanden: de zee is al warm genoeg om in te zwemmen, maar de temperatuur klimt nog niet boven de 30 graden en de wegen liggen er stiller bij dan in augustus. De meeste Nederlandse reizigers vliegen naar Tirana, huren daar een auto en rijden in ruim drie uur naar de Riviera, of vliegen naar Corfu en steken met de veerboot over naar Sarandë. Een auto is geen overbodige luxe: het openbaar vervoer langs de kust bestaat vooral uit furgons, kleine busjes die vertrekken zodra ze vol zitten, en dat werkt prima maar wel op hun tempo, niet op het jouwe. Neem contant geld mee voor de kleinere dorpen, want niet elk restaurant accepteert een kaart, en reken op zo'n 25 tot 35 euro per dag voor eten en een eenvoudige overnachting buiten het hoogseizoen. Wie liever eerst in het water afkoelt voordat er weer wordt gewandeld, combineert de Riviera goed met een tussenstop bij een van de plekken uit ons overzicht van de beste plekken om wild te zwemmen in Europa.

Dit is waarom je nu moet gaan, niet over vijf jaar

Langs de SH8 verrijzen steeds meer bouwkranen, en investeerders uit Dubai en Italië hebben de kustlijn inmiddels ontdekt als het volgende Kroatië. Dat is goed nieuws voor de lokale economie, maar het betekent ook dat de rust die de Albanese Riviera nu nog kenmerkt, over een paar jaar waarschijnlijk verdwenen is. Butrint zelf blijft als beschermd nationaal park sowieso overeind, maar de stille baaien eromheen liggen er niet voor eeuwig zo verlaten bij. Ga dus niet wachten tot iedereen erover praat. De reizigers die nu gaan, zijn straks degenen die zeggen dat ze er al waren voordat het druk werd.

Y
Geschreven door Yara Bosman Avonturier & Cultuurreiziger

Yara is een avonturier die het liefst plekken bezoekt die niet in de reisgids staan. Ze heeft vrijwilligerswerk gedaan in Peru, gedoken in de Filipijnen en door de jungle van Borneo getrokken. Ze studeerde culturele antropologie en brengt die wetenschappelijke nieuwsgierigheid mee in alles wat ze schrijft. Als ze niet op reis is, droomt ze over haar volgende bestemming terwijl ze in haar Amsterdamse appartement zit met een wereldkaart aan de muur vol gekleurde speldjes.